In gesprek | 7 oktober 2026 | 3 minuten
“Het vak van commissaris is geen ‘bijbaantje’, maar echt een parttime functie”
Voor Paul Geraeds vraagt toezichthouden om bewuste voorbereiding. Het vak wordt complexer, maar daarmee ook interessanter. Digitalisering, AI, risicomonitoring en veranderende wetgeving vragen aandacht aan de toezichttafel. Tegelijkertijd blijven de onderlinge verhoudingen en het functioneren van mensen bepalend voor de kwaliteit van toezicht.
Binnen Governance Essentials van NCD behandelt Paul de basis van het toezichthouden. Zijn uitgangspunt: ook wie ruime bestuurlijke ervaring heeft, moet onderzoeken wat de rol van commissaris vraagt.
Bestuurlijke ervaring vraagt om een andere blik
De overstap van besturen naar toezichthouden is volgens Paul geen vanzelfsprekende stap. Ervaring als bestuurder is waardevol, maar de verantwoordelijkheid en positie van een commissaris zijn fundamenteel anders.
“Zelfs voor een ervaren bestuurder is een commissarisopleiding daarom wat mij betreft een must: de rol is namelijk fundamenteel anders.”
Naast kennis van actuele ontwikkelingen vraagt goed toezicht om aandacht voor wat er tussen mensen gebeurt. Hoe staat het met de psychologische veiligheid? Heeft de raad zijn eigen tegenspraak georganiseerd? En hoe helpen commissarissen bestuurders om optimaal te functioneren?
Die vragen maken duidelijk waarom toezicht verder gaat dan het kennen van regels en het beoordelen van stukken.
De praktijk als vertrekpunt
Binnen Governance Essentials staat het toepassen van kennis centraal. Deelnemers verbinden theorie aan hun eigen vragen en dilemma’s. Voor Paul is juist die praktijkgerichtheid de kracht van het programma.
“Geen lange presentaties, maar een probleemgestuurde dialoog met de deelnemers.”
Iedere spreker is zelf ervaren toezichthouder en reflecteert vanuit de eigen praktijk. De groep bestaat uit maximaal zestien deelnemers. Die kleinschaligheid biedt ruimte om door te vragen, ervaringen te delen en persoonlijke vraagstukken te onderzoeken.
Ook Paul brengt uiteenlopende ervaringen mee: van toezicht bij een kleine NGO tot een internationale private-equityfirma. Daardoor kunnen in zijn sessie heel verschillende casussen aan bod komen.
De ‘vergeten groenten’ van governance
In zijn onderdeel onderzoekt Paul met deelnemers waarom toezicht nodig is, wat de Governance Code betekent en welke rollen een commissaris vervult. Collega’s verdiepen vervolgens de afzonderlijke deelgebieden.
Daarnaast besteedt hij aandacht aan onderwerpen die minder vanzelfsprekend op de agenda staan. Hij noemt ze de “vergeten groenten” van governance.
Hoe stel je een evenwichtig samengestelde raad samen? Wat doe je wanneer het schuurt met de bestuurder? En hoe ga je om met spanningen binnen de raad zelf?
Het zijn vragen waarin kennis, rolbewustzijn en onderlinge verhoudingen samenkomen. Juist daar krijgt toezicht in de praktijk vorm.
De menselijke maat aan de toezichttafel
Paul wil bijdragen aan de ontwikkeling van commissarissen die breed naar hun vak kijken en dicht bij zichzelf blijven. Het werken met de vragen van deelnemers maakt het docentschap voor hem waardevol.
“En ik leer iedere keer weer van de deelnemers.”
Wat hij hoopt dat zij meenemen, begint bij bewustwording van hun nieuwe rol en de impact die zij hebben. Daarbij hoort ook oog voor de mensen achter de bestuurlijke vraagstukken.
“Dat ze naast de regels de menselijke maat niet vergeten.”
Die combinatie van kennis, praktijk en persoonlijke reflectie vormt de kern van zijn bijdrage aan Governance Essentials. Met als ambitie dat deelnemers hun rol bewuster innemen én enthousiast worden over het vak van commissaris.